Het LEVEN

(interview uit Humo)

 

Het zou kunnen dat ‘Het leven en hoe het te leiden’ het boek is waar u op zit te wachten – tenminste als u bereid bent journalist en schrijver Serge Simonart als de gids in uw leven te omarmen. ‘Het Leven’ leest in elk geval als een trein. Vijf kilo inzichten en observaties noteerde hij 42 jaar lang op kaartjes om die nu samen te vatten in vierhonderd bladzijden van wijsheden als: ‘Het is een zegen om voor sommige zaken ongeschikt te zijn. Gebrek aan talent kan je redding zijn.’

Serge Simonart, zelf niet geschikt voor een job als diplomaat, toont tussen de lijnen door ook hoe hij zelf de tering naar de nering zette en ondanks zichzelf een heel gelukkig leven leidde.

Serge Simonart «Ik heb van kinds af aan gedacht dat ik jong zou sterven. Mannen sterven sowieso al jonger dan vrouwen en hoe groter je bent, hoe sneller je doodgaat. Er is geen man van 1 meter 98, zoals ik, die 100 jaar wordt. Toen ik op redelijk late leeftijd een kind kreeg dacht ik meteen: ik moet al mijn -goede raad bundelen voor die jongen, voor het geval ik er straks niet meer ben.

Ik noteer al jarenlang elk inzicht over het leven, ons bestaan, relaties en ons functioneren in de maatschappij op kaartjes. De eerste notitie dateert van 1979. Eerst gebruikte ik die voor videoboodschappen die ik voor mijn zoon ben beginnen in te spreken: ‘Je vader is er niet meer, maar misschien heb je iets aan deze woorden...’ Maar gaandeweg raakte ik er steeds meer van overtuigd dat er een gigantische lacune is tussen wat – vaak overstreste – ouders hun kind leren en wat de school hun bijbrengt. Een school verzorgt nu eenmaal een basisopleiding voor álle kinderen – dom, slim, vroeg rijp, laat rijp – wat haar programma sowieso al te algemeen en zwak maakt. Over de valkuilen van de maatschappij, oplichterijen, gevaren, karakters en psychologie van mensen en hoe je tussen hen moet functioneren, krijg je nergens informatie. De enigen die je daarvoor kunt raadplegen, zijn newagers met hun wollige zelfhulpboeken of de oude filosofen, die soms worden overschat, vind ik: het zijn soms autistische, misogyne, misantropische sukkels die op een pilaar – soms letterlijk – een beetje betweterig zaten te orakelen over de maatschappij waar ze zelf nooit aan deelgenomen hadden. De grote Sophocles zei: ‘Het beste is om niet geboren te worden.’ Dan denk je toch meteen: van zo’n negatieve, defaitistische, somberman ga ik nooit raad aannemen. Om maar te zeggen: een boek als ‘Het leven en hoe het te leiden’ bestond nog nergens in het Nederlandse taalgebied.»

 

‘Het Leven en hoe het te leiden’ deed me wel denken aan The School of Life die de Britse filosoof Alain de Botton bijna vijftien jaar geleden heeft opgericht.

Simonart «De Botton heeft zijn waarde, maar het probleem is dat hij ook licht autistisch is, wat ons meteen bij de theorie uit mijn boek brengt dat mensen vaak een beschutte werkplaats zoeken voor hun afwijking, een job die hun afwijking legitimeert, zoals een pyromaan die bij de brandweer gaat werken. De Botton is onaangepast en timide, had altijd problemen met vrouwen, was vroeg kalend… Hij is ook een beetje een kluizenaar, iemand die nooit midden in het leven heeft gestaan en zich daarom ook veel te veel op de oude filosofen verlaat. ‘He carved a niche for himself,’ zou Tom Hodgkinson zeggen. Hodgkinson kan het weten: hij is naar eigen zeggen lui en houdt van lanterfanten en heeft de beweging en het blad The Idler opgericht dat het lanterfanten viert en promoot.

»De reden waarom ik denk dat ik goed geplaatst ben om een boek als ‘Het leven’ te schrijven, is dat ik als plantrekker, journalist, reiziger en mens met ervaring in heel veel verschillende milieus een beter overzicht heb op de dingen des levens dan iemand als De Botton of Dirk De Wachter, die, anders dan ik, niet veertig jaar lang notities heeft bijgehouden van zijn observaties over het leven en de maatschappij. Het is een boek dat jongeren wekt en wapent. Ik wou dat ik een boek zoals ‘Het Leven’ cadeau had gekregen toen ik 14 was.»

 Wat zou je dan anders hebben gedaan?

Simonart «Alles.»

 Echt? Je lijkt in het boek redelijk tevreden over je leven waarin je toch veel je zin hebt gedaan.

Simonart «Ik heb een heel boeiend en traumavrij leven gehad. Maar ik geloof al die non-je-ne-regrette-rien-mensen niet. Die liegen of ze hebben niet nagedacht. Ik heb fouten gemaakt, op het vlak van werk, geld, seks, relaties, alles. Als ik opnieuw zou beginnen, zou ik architect worden, of antiquair of nog vijf andere boeiende beroepen, liefst allemaal tegelijk. Ik zou veel vroeger schrijver zijn geworden. Dan zou ik nu niet worden gezien als een journalist die af en toe een boek schrijft. Perceptie is alles!

Dat is ook iets waarop ik in het boek echt hamer: niemand – geen leraar en ook geen universiteitsbrochure – laat je nadenken over wat de gevolgen van een job of studiekeuze zijn voor je levenskwaliteit: moet je vroeg op of niet? Heb je stress of niet? Moet je wel of niet in het weekend werken? Kun je met pensioen op 55 of moet je doorgaan tot je 70ste?»

 Je raadt mensen, geheel terecht, aan hun eigen gebruiksaanwijzing goed te kennen.

Simonart «Ja. Je moet begrijpen dat je als introvert niet aan een ontvangstbalie moet gaan zitten. Dan doe je een leven lang je natuur geweld aan en word je schizofreen»

 Jouw zelfkennis weerhield je ervan diplomaat te worden.

Simonart «Voor 50 procent zou ik daar heel goed in zijn geweest. Ik ben evenwichtig en heb gezond verstand en kan organiseren en spreek mijn talen en hou van ouderwetse luxe en grandeur. Maar ik zou waarschijnlijk na twee weken al ontslagen worden wegens een gebrek aan tact en omdat ik niet in de rij wens te lopen.

Nu, eigenlijk vind ik het fout dat we in zulke strikte termen denken over jobs. Outsiders zijn nuttig, heel wat milieus zouden baat hebben bij een denktank die bestaat uit buitenstaanders uit andere disciplines. Waarom zou je niet eens een basketbalspeler laten meedenken of het een goed idee is om Irak binnen te vallen of niet? Soms, zoals in het militaire apparaat, vind ik het ronduit gevaarlijk om dingen alleen maar over te laten aan vakidioten. 

Nog een voorbeeld: hoe krankzinnig is het niet dat de skylines van onze steden uitsluitend zijn gebouwd door mensen die goed zijn in wiskunde? Want alleen dan kun je afstuderen als architect. Dat wil dus zeggen dat de 50 procent van de bevolking die, zoals ik, slecht is in wiskunde, nog nooit een gebouw heeft mogen neerzetten. Niet één in de hele moderne geschiedenis! Hoe eenzijdig! Als ik kon, zou ik meteen mensen zonder wiskundeknobbel een gebouw laten ontwerpen. Ik weet zeker dat er iets heel origineels uit de bus zou komen.»

Je raadt mensen aan het scenario van hun leven zo snel mogelijk strak in handen te nemen: ‘Het leven is een schaakspel: denk vier zetten vooruit!’ ‘Elke keuze heeft een domino-effect,’ schrijf je ook.

Simonart «Ja. Er wordt vaak lacherig gedaan over de ‘wat als?’-gedachte, terwijl ik ‘wat als?’ een nuttige denkoefening vind: wat als ik op mijn 16de wél was meegegaan met Orson Welles

Je bent Welles toen gaan opzoeken in Parijs.

Simonart «Ja. Ik was totaal begeesterd door het oeuvre en de boeiende persoonlijkheid van Orson Welles, en toen ik ergens opving dat hij een aantal weken in Hôtel Lancaster in Parijs verbleef, ben ik zonder dat mijn ouders het wisten en zonder geld met de trein naar Parijs gespoord. Het hotel ontkende natuurlijk dat Welles er verbleef, maar ik ben koppig in de lobby blijven wachten tot ik een koerier hoorde zeggen dat hij een pakket kwam brengen voor meneer Welles. Ik ben die man gevolgd en ben in zijn suite uitgebarsten: ‘Ik vind uw werk fantastisch en ik wil voor u werken, ik zal alles doen, echt álles...’ Welles droeg geen kleren, maar een soort donker fluwelen gordijn, bekeek me spottend maar niet onvriendelijk, liet een zwangere pauze en zei toen: ‘Fine. We leave in an hour.’ Het idiote is dat ik voordien megalomaan had gedacht: natuurlijk zal Welles een bijzondere jongen zoals ik aannemen. Maar toen dat ook echt leek te gebeuren, dacht ik opeens: hoe is het mogelijk dat hij mij, een snotneus uit België, wil meenemen naar Los Angeles? Plots leek dat verdacht. Mijn argwaan nam de overhand. Ik was opeens bang dat hij een pedofiel was. Ik heb het voorval lang verdrongen omdat ik mezelf misprees als bang en laf. Ook al omdat ik later besefte dat zijn uitspraak ‘We vertrekken over een uur’ een test was, en dat ik in zijn ogen had gefaald. Mijn hele leven heb ik me afgevraagd hoe anders mijn leven gelopen zou zijn als ik op zijn aanbod was ingegaan.

En wat was er gebeurd als ik op mijn 17de niet die boze brief had geschreven aan Guy Mortier, toen hoofdredacteur van het weekblad Humo, vraag ik me ook weleens af. Ik was boos omdat in dat blad de muziek waar ik naar luisterde cynisch werd neergesabeld. Na die brief vroeg Mortier me om de redactie van het blad te vervoegen. Maar wat als ik toen niet al een beetje geld had gehad? Dan was ik er niet aan begonnen, want het werk betaalde slecht.»

Je had geërfd van je grootmoeder.

Simonart «Dat was veel later. En het waren mijn ouders die erfden, niet ik. Ik ben ook als student al voor blaadjes beginnen te schrijven en kon goed sparen.»

‘Vergeet nooit: het leven is niet wat je overkomt, het leven is waar je zelf voor zorgt dat het je overkomt, en wat je doet met wat jou overkomt.’ Je geeft de jongeren wel een zware opdracht. 

Simonart «Als je anno 2021 in het Westen wordt geboren in een redelijk gezin, dan vind ik dat je niet te veel moet zeuren en gewoon iets van je leven moet maken. Ik heb weinig geduld met klagers – tenzij iemand natuurlijk echt een groot probleem heeft. Dan help je.

Nu moet ik opeens denken aan een hulpactie van mij, lang geleden in een restaurant aan zee. Ik hoorde een tafel verder een man een vrouw echt heel wreed vernederen, een uur aan een stuk, echt vernietigend. De vrouw zei niks. Ik ben niet iemand die zich dan níét moeit. Ik heb me dus naar die man omgedraaid en heb hem een preek gegegeven, heb hem afgebrand, hem een koekje van eigen deeg te geven. Maar wat bleek? Die mensen hadden een kleurrijk, dubieus seksleven en het vernederen maakte deel uit van het voorspel. Helpen is dus ook niet altijd aangewezen.»

Jij bent, om terug te komen op mijn vorige vraag, zelf een verwoed planner. Het boek legt uitgebreid uit hoe je tactisch moet denken, strategieën moet uitzetten en worstcase-scenario’s moet overlopen.

Simonart «Ja. Iets wat ik nooit heb kunnen begrijpen, is hoe 9/11 is kunnen gebeuren terwijl diensten als de FBI en de CIA jaarlijks miljarden verslinden. Je zou toch mogen hopen dat ze dat geld besteden aan het nagaan van álle worstcasescenario’s! Nu, ik heb me erin verdiept en kennelijk was er wél iemand die het had zien aankomen, maar die persoon werd genegeerd.

Ik ben inderdaad een planner. Het klinkt heel sympathiek te zeggen: ‘Ik ben spontaan’, maar ik kijk liever wat vooruit. Al hou ik ook niet van berekende mensen, van die types die net iets te goed nadenken over wat ze tegen je zeggen en achter je rug iets helemaal anders vertellen om bij anderen in de smaak te vallen.»

Maar je spreekt met bewondering over Paul McCartney, die zo slim was het om zich kleiner te maken dan hij was tegenover de klassieke muzikanten die zijn eerste klassieke compositie moesten spelen.

Simonart «Dat is pragmatisme. Dat is berekening voor een goed doel, niet uit achterbaksheid of om mensen uit te buiten. McCartney begreep gewoon dat, als hij zich zou gedragen als de oppergod van de popmuziek, de klassiek geschoolde muzikanten een sceptische houding zouden aannemen en zouden tegenwerken. Da’s de weg van de minste weerstand.»

Toen ik in je boek de hunker naar een zekere controle ontwaarde, moest ik denken aan die ene keer dat wij samen op stap zijn geweest. Ik reed toen in een auto die ik had gekregen van een vriend die een schroothandel uitbaatte. De auto was daar achtergelaten maar deed het nog, en ik mocht hem ‘oprijden’. Ik reed nogal wild en in een scherpe bocht vloog aan jouw kant de gammele deur open. We zijn daarna nooit meer samen iets gaan doen.

Simonart «Dat moment heb ik volledig verdrongen. Ik vertel in mijn boek over nog een vriendin met zo’n levenshouding van happy-go-lucky. Ze trok naar Vietnam en zou wel zien waar ze terechtkwam. Maar dat was in de tijd dat daar nog overal mijnen lagen! Ze is veilig thuisgekomen, maar voor hetzelfde geld was ze daar aan flarden geblazen.

Ik herinner me trouwens nog een feest op de boot van een vriend van me. Jij kwam daar binnen met Thé Lau. Ik heb me er lang voor geschaamd dat ik toen koel ben geweest omdat Thé, die ik later heb leren kennen als een innemend en intelligent man, toen dronken was. Ik heb een hekel aan dronken mensen. Ik wijd in mijn boek ook een hoofdstuk aan de misplaatste verheerlijking van drank en drugs. Dat beroemde popsterren als Leonard Cohen, Lou Reed, Nick Cave, David Bowie, David Crosby, Iggy Pop drugsverslaafd waren en toch lang leefden, schept zo’n vertekend beeld. Dat lukte hun alleen maar omdat hun geld hen in staat stelde om onder deskundige begeleiding nipt op tijd af te kicken. Dat er in hun periferie, buiten het zicht van de media, ettelijke minder rijke figuren aan die rommel zijn gestorven, wordt vergeten.»

‘De medemens is een onbetrouwbare soort,’ schrijf je. Heb je het boek ‘De meeste mensen deugen’ van Rutger Bregman gelezen? Hij legt daarin uit dat het foutieve idee dat de mens een wolf is voor zijn medemens wortel heeft kunnen schieten omdat machthebbers onze angsten exploiteren. Van nature is de mens een samenwerker.

Simonart «Ik ben geneigd de stelling dat mensen deugen een heel mooie, maar naïeve en ook een tikje op effectbejag spelende stelling te vinden. Het is wishful thinking, sociale wenselijkheid. Adolf Hitler heeft zijn ding kunnen doen met steun van het Duitse volk.»

Omdat de mens een kuddedier is, niet omdat die slecht is. 

Simonart «Maar het is natuurlijk slecht om een kuddedier te zijn! De helft van de mensen deugt níét – zie de lezers van roddelbladen of de mensen die helemaal niéts lezen. Iemand die leest, naar zenders voor meerwaardezoekers kijkt of een kwaliteitskrant in huis heeft, is toch per definitie een beter mens dan iemand die alleen maar venijnige roddels wil lezen over uiteenspattende huwelijken?! 

Ik heb nog gesproken met Sammy Davis Jr. in de tijd dat hij nog optrad: ook al was hij de ster van de avond, als ‘nigger’ was het hem toch verboden om die concertzaal langs de hoofdingang te betreden! Ik moet nu denken aan een documentaire over de Ku Klux Klan en de gezichtsuitdrukkingen van die smeerlappen in de rechtszaal, tijdens hun veroordeling. Een superieure, koppige, arrogante uitdrukking die zei: en tóch ben ik goed bezig! Het waren allemaal niet al te snuggere boerenpummels die zich belangrijk begonnen te voelen als ze die sinistere witte kap op hun kop zetten. Ook Hitler heeft miljoenen mensen kunnen afmaken, doordat onnozele Ludwig zich opeens stoer en belangrijk en uitverkoren voelde toen hij een uniform mocht aandoen.

Ik vind naïviteit prachtig, maar je leert door scha en schande dat je bedrogen en bestolen wordt als je goedgelovig bent en te veel vertrouwen stelt in mensen. Ik probeer ons zoontje zijn naïviteit zo lang mogelijk te vrijwaren. Het nieuws staat hier nooit op. Ik wil niet dat het brein van ons kind wordt besmet en bezoedeld met de smeerlapperijen die egoïstsiche, megalomane klootzakken uithalen. Ik wil dat er op zijn harde schijf zoveel mogelijk ruimte vrij blijft voor boeiende, positieve en constructieve zaken.»

‘Surf op de golven van de meritocratie,’ ronkt één van je hoofdstukken. Ik dacht dat onder meer psycholoog Paul Verhaeghe afdoende had uitgelegd dat het vanwege de groeiende ongelijkheid en de neoliberale werkomstandigheden al lang niet meer zo is dat je door hard te werken krijgt wat je verdient.

Simonart «Daar ben ik het dan gedeeltelijk mee oneens. Natuurlijk zijn de dingen nooit zwart-wit en natuurlijk maakt het uit in welke omgeving je geboren wordt. Niet iedereen zal zoals Étienne Davignon sluwe constructies kunnen opzetten om zo zijn erfenis door te sluizen zonder successierechten te moeten betalen. Je maakt mij ook niet wijs dat het premierschap van Alexander De Croo niets te maken heeft met de epische politieke loopbaan van zijn vader en diens invloed achter de schermen. Wat Verhaeghe zegt, is voor 50 procent waar en wat ik zeg is ook voor 50 procent waar, en dat is dat je in de 21ste eeuw in een democratisch land als het onze honderden kansen krijgt, veel meer dat toen jij en ik 10 jaar waren en exponentieel meer dan toen onze grootouders jong waren.»

Ik ben blij dat ik niet in dit tijdsgewricht aan het begin van mijn leven sta, met al die prestatiedruk, het gedoe rond status en het idee dat het je eigen schuld is als je niet slaagt. Dat is dé bron van stress en depressie.

Simonart «Ik vind toch dat mensen tot op zekere -hoogte de verantwoordelijkheid moeten nemen voor hun eigen leven. Om de excentrieke en flamboyante levenskunstenaar Quentin Crisp te citeren (tevens de man die Stings lied ‘Englishman in New York’ inspireerde): ‘Het is zinloos om een halve eeuw lang varkens te kweken en dan te beweren: ‘Ik was voorbestemd om balletdanser te worden.’’ Er zijn mensen met een slechte start, maar er zijn er ook die te weinig van aanpakken weten en te snel opgeven of klagen.

Het liberalisme heeft ook goeds voortgebracht. Als ik op mijn 18de een bedrijfje had willen beginnen, had ik niet geweten bij welke dienst ik had moeten aankloppen. Nu zijn er twintig diensten die allemaal subsidies geven. Wie ergens een skateramp wil zetten, hoeft maar een kik te geven. Neem het verhaal van de frauduleuze mevrouw El –Kaouakibi in Antwerpen. Denk je dat die in 1950, in 1970 of zelfs in 2000 zulke enorme bedragen zou hebben gekregen voor een multicultureel dansgroepje?»

Mag ik ‘Het leven en hoe het te leiden’ een handleiding voor de plantrekker noemen? Je vernoemt zelfs het gevaar van de ‘conculega’: ‘In de praktijk is een collega vaak een concurrent, want hij aast op dezelfde voorkeursbehandeling, bonus en promotie als jij.’

Simonart «Kijk, als ik veertig jaar lang de journalist ben die Prince en Bowie en honderden andere supersterren interviewt, dan zijn de andere muziekjournalisten natuurlijk slechtgeluimd, want die willen dat ook doen. Maar ze staan er niet bij stil wat daar allemaal bij komt kijken van planning en strategie. In het begin vertaalde ik mijn interviews en stuurde ik bijvoorbeeld een interview met Randy Newman naar de manager Leonard Cohen: ‘Kijk, dit is een artiest van uw kaliber, hij was tevreden over ons onderhoud, zou ik ook met u eens mogen spreken?’ Ik heb ook al snel bedacht dat ik internationaal moest gaan werken en heb een heel systeem uit de grond gestampt waarmee ik een interview met Bowie ook verkocht in tal van andere landen. Toen Prince met dezelfde manager ging werken als Bowie, werd ik ook aan hem voorgesteld en het klikte. Bij Paul Weller was het op een gegeven moment zo dat als hij een nieuw album had, ik hem interviewde voor bladen over heel Europa. Ik heb daar zelf voor geijverd, niemand heeft me wat op een schoteltje aangeboden»

‘Hoe beschaafder, verfijnder, aparter, erudieter en meer highbrow je bent, hoe groter de kans dat je in bepaalde mate eenzaam en geïsoleerd zal zijn.’

Simonart «Dat is zo. Ik ben enig kind, dus als kind móést ik ook dingen alleen doen. Het is voor mij iets vanzelfsprekends. Ik heb daar geen problemen mee, want de meeste dingen waarvan ik hou, zoals romans schrijven en lezen, doe je alleen. Algemener zijn beschaafde, verfijnde, intelligente mensen met gezond verstand sowieso een minderheid. Hoe denk je dat Donald Trump werd verkozen? Het is natuurlijk een kip-of-ei-kwestie: ben ik geen teamspeler omdat ik nooit aan ploegsport heb gedaan of heb ik nooit aan ploegsport gedaan omdat ik enig kind ben en het niet in mijn aard ligt?»

Toch zeg je: een mens is geen eiland.

Simonart «Het wordt je in deze maatschappij onmogelijk gemaakt een eiland te zijn. Je wordt geacht je te integreren en mee te draaien, je hebt buren en collega’s. Ik snap plantrekkers die een beschutte werkplaats voor zichzelf creëren, zoals de cartoonist Peter van Straaten. Een intelligente, boeiende man en een schitterende tekenaar, maar ook een koppig en eigenzinnig mens. De meeste cartoonisten zijn eenzaten die het liefst thuis in hun cocon aan hun tekentafel zitten en tekeningetjes maken op hun eigen voorwaarden.»

‘Zoek je eigen oplossing en mijdt de therapeut,’ schrijf je.

Simonart «Ik vind therapeuten inderdaad een overroepen verschijnsel. Ik snap dat ze voor misbruikte kinderen en andere mensen met echte trauma’s een zegen zijn, maar ik ken ook mensen van 60 die hun ouders nog altijd verwijten dat ze hen vijftig jaar geleden op die ene dinsdagavond 8 juni niet zijn komen ophalen aan de sportclub. Dan denk ik: get over yourself!

Mij zijn duizenden dingen tegengevallen in mijn leven. Ik heb een jaar opnieuw moeten doen toen ik communicatiewetenschappen studeerde. Ik ben zwaar ziek geworden tijdens mijn eerste jaar filmschool. Ik heb níét geërfd van een tante omdat haar man aan een jongere vrouw bleef plakken die een golddigger was en met de erfenis aan de haal ging. Enzovoort, de lijst is lang. Maar het heeft me allemaal niet getekend: you pick yourself up and go on.»

Die houding lijkt je met de paplepel ingegoten.

Simonart «Mijn ouders zijn heel lieve, warmhartige, beschaafde, intelligente mensen, maar ze hebben allebei als kind de oorlog meegemaakt. Dat heeft hen getekend. Ze hebben me altijd ingeprent te sparen en de tering naar de nering te zetten. Mijn vader kon niet tegen lawaai, dus kreeg ik geen brommer en moest ik elke dag tegen de wind in 16 kilometer naar school fietsen. Ik kreeg ook als enige van iedereen die ik kende géén stereo-installatie. De eerste vinylplaten die ik voor mijn werk moest bespreken, heb ik afgespeeld om een geleende platenspeler met een piepklein luidsprekertje in het deksel. Ik heb thuis niks cadeau gekregen omdat mijn ouders aan hun vrienden wilden bewijzen dat zij hun enige kind níét verwenden. Ik ben dus nogal spartaans omgevoed.»

In ‘Het leven en hoe het te leiden’ wijd je meermaals uit over vriendschap.

Simonart «Toen ik 16 was, heb ik mijn definitie van vriendschap opgeschreven. Ik denk dat ik toen net een paar documentaires over Auschwitz had gezien, want ik schreef: ‘Een vriend is iemand die, als morgen de nazi’s opnieuw aan de macht zijn en hij heeft 24 Joodse vrienden, die mensen met gevaar voor eigen leven allemaal verbergt in zijn eigen huis.’ Dat is natuurlijk een definitie die zo strikt en zo veeleisend is dat het héél moeilijk wordt om eraan te beantwoorden.»

Jij deed dan ook al aan defrienden voordat het woord bestond.

Simonart «Ja. Wie zegt dat hij me waardevol vindt, maar achter mijn rug iemand anders die dat níét vindt gelijk geeft om ook bij hem in de smaak te vallen, hoeft geen deel meer uit te maken van mijn vriendenkring. Voor roddel, hypocrisie en achterbaks gedrag geldt een nultolerantie.»

Je geeft tot mijn verrassing ook relatieadvies en citeert Uma Thurman, die jou ooit zei: ‘Alleen durven zijn is misschien wel de belangrijkste vereiste voor een goede relatie.’ 

Simonart «Ik vond het vooral frappant dat zo’n mooie vrouw, een topmodel toen, dat zei. Als iemand met aanbiedingen te over dat vond, dan moest het wel waar zijn, dacht ik. Ik hoopte die middag op een affaire met haar, maar het is niet gelukt.»

Huh? Je zegt in je boek dat je veel kansen hebt laten liggen omdat je niet aan onenightstands deed, uit angst voor geslachtsziekten.

Simonart «Maar een godin zoals Uma Thurman toen was zou toch nooit een geslachtsziekte hebben!»

Dream on! Ik las ook dat je, vóór je met een vrouw meeging, eerst inschatte: heb ik er vrede mee dat die vrouw later zal kunnen zeggen: ‘O, Serge Simonart, die heb ik ook gehad.’

Simonart «Eén voorbeeldje van vele: ik ken een man die vanwege een affaire de job zijn leven heeft gemist. Een nacht hete passie kan heel verstrekkende gevolgen hebben. En je moet zuinig zijn op jezelf, ook op liefdesvlak vind ik dat geldt: kwaliteit is belangrijker dan kwantiteit»

In de inleiding benadruk je dat het een positief boek is, maar je waarschuwt toch voor gevaren en voor teloorgang van de wereld. Je maant intelligente mensen aan om voor meer kinderen te kiezen als tegengewicht voor de domkoppen die zich lichtzinnig voortplanten.

Simonart «Dat is toch zo? Intelligente mensen breken zich het hoofd of het wel verantwoord is om meer dan een of twee kinderen op de wereld te zetten, want de overbevolking en de ecologische voetafdruk en het voedseltekort, enzovoort… terwijl de lichtzinnige, onverantwoordelijke, egoïstische medemens halfdronken of apestoned links en rechts kinderen verwekt. Om dan die kinderen in steek laten, die dan weer een slechte start hebben in het leven. Zo daalt na verloop van tijd het aantal beschaafde mensen en groeit het percentage lichtzinnige marginalen en het aantal tienermoeders en alleenstaande moeders aan. Dat zorgt na verloop van tijd toch voor een onevenwicht? En de beschaafde intelligente redelijke mensen zijn sowieso al een minderheid.»

‘Het Leven en hoe het te leiden’ is een boek dat de opgroeiende mens tussen pakweg 14 en 35 wekt en wapent. Hebben die mensen een toekomst? Denk je dat het goed afloopt met de wereld?

Simonart «Jazeker. Herinner je je de sciencefictionseries van vroeger nog, waarin ze voorspelden dat alles geautomatiseerd zou zijn en dat we zouden kunnen bellen vanop een berg? Dat is allemaal uitgekomen. Ze voorspelden daarin ook dat er ergens in 2300 een wereldraad zou komen die beslissingen zou nemen voor de hele planeet. We zullen straks niet anders kunnen dan zo’n Verenigde Naties in het kwadraat installeren. Dan kan de mens nergens meer vervuilen of uitbuiten, dan is belastingvlucht niet meer aan de orde, dan is de mens wereldwijd gelijk voor de wet, dan kan Google geen belastingen meer ontduiken en dan zijn Brexits en oorlogen niet meer aan de orde.»

En wat als de domkoppen en masse in opstand komen?

Simonart «Ik denk dat de enige oplossing is om de lezers van roddelbladen enkel stemrecht te geven onder medische begeleiding.»

(Dit interview werd afgenomen door Stefanie De Jonge en verscheen mei 2021 in het weekblad Humo)

 

‘Het LEVEN en hoe het te leven’
Uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts

Terug naar Interviews